Is er iets mis met deze pagina? Stuur dan naar wikikapot@vtk.ugent.be

1) De houterige beweging tijdens het leerproces van een motorische vaardigheid is te wijten aan:

A. Het niet juist kunnen inschatten welke spieren wanneer moeten worden opgespannen en gerelaxeerd.

B.

C.

D.

2) Welke uitspraak is niet waar?

A. Tijdens het fietsen worden de spieren vooral concentrisch gebruikt.

B. De loodlijn vanuit de knie komt nooit voorbij het voorste punt van de pedaal.

C. De knie is meer dan 90┬░ gebogen wanneer de pedaal op een kwart van zijn cirkelvormige rotatie staat.

D. Zowel de kniestrekkers als de kniebuigers worden gebruikt wanneer je het pedaal naar beneden duwt tijdens het fietsen.

3) Hoe train je best je botten?

A. Niet belasten

B. Belasten met een opbouwende belasting en voldoende rust.

C.

D.

4) Welke stelling beschrijft de theorie van Piaget het beste?

A. Een kind moet eerst motorisch het resultaat van een beweging ervaren voor het kind zich het resultaat kan voorstellen zonder de beweging.

B.

C.

D.

5)Welke stelling over micronutri├źnten klopt niet?

A. Ze komen enkel voor in plantaardige stoffen.

B.

C.

D.

6) Wat is de voornaamste oorzaak van blessures?

A. Een vorige blessure die nog niet volledig hersteld is.

7) Piet wou zijn sigaretverbruik halveren. Hij doet dit nu reeds een jaar. In welke fase zit hij?

A. contemplatie-fase

B. actie-fase

C.

D.

8) In de jaren 90 was er een iodine tekort. In welk voedingsmiddel werd het iodine gehalte verhoogd?

A. zout

B. deeg voor brood

C. melk

D.

9) Welk concept hoort niet bij het nutrition change pattern?

A. minder activiteit

B. meer vleesinname

C. minder fruitinname

D. groter budget van huishouden dat aan voedsel wordt besteed

10) Tabel gegeven van vermindering van bepaalde ziektes bij vrouwen en mannen. Van wat is deze tabel het resultaat?

A. Een vermindering van 1 BMI

11) Wat is geen intrinsieke factor die kan leiden tot sportletsel?

A. slecht schoeisel

12) Welke maatregel hoort niet bij correcte psychologische gedragsverandering?

A. meer lessen LO in het middelbaar

B. goedkopere fitnessabbonnementen

C.

13) Welke stelling klopt niet?

A. Food based dietary guidelines zijn guidelines omtrent voeselinname die op de verpakking van voeding wordt gedrukt.

14) Wat is geen distale factor?

A.

15) Aanvullen quote: Public health is the science and ... of

A. art

B. methodology

C. management

16) Welke uitspraak omtrent een hogere fysieke activiteit is niet waar?

A. een hogere fysieke activiteit leidt tot een verlaging van de insuline-werking waardoor de bloedsuikerspiegel neutraliseert.

B. een hogere fysieke activiteit leidt tot een lagere bloeddruk, tot 10u na de inspanning.

17) Rangschik naar mate van trainbaarheid.

A) dwarsdoorsnede spier > lengte spiervezel > pennatiehoek

18) Welke uitspraak is weer bij het lopen?

A) de inwendige kracht op de botten is hoger dan de externe kracht omdat de botten een hefboomfunctie hebben

19) Bij het trainen van wat is onvolledige recuperatie gewenst?

A) uithouding

20) In een les LO worden vaardigheden A,B, C afwisselend door elkaar geleerd en niet in blokken. Welk principe is dit?

A) gerandomiseerd leren

B) variabel leren

C)

21) Groep 1 krijgt 100% feedback, groep 2 50%. Tijdens leerproces is er weinig verschil te zien maar bij retentietest scoort groep 2 beter. Wat kan je hieruit leren?

A) groep 2 heeft meer geleerd

22)